Gipsen schaalmodellen… en mieren! Een ervaringsinstallatie in het Design Museum van Den Bosch
- Stefanie

- 8 jun 2022
- 3 minuten om te lezen
Bijgewerkt op: 6 okt 2025
In mijn werk draait het niet alleen om miniaturen, maar om ervaringen. Objecten die je vertraagd laten kijken, vragen oproepen en je lijfelijk bij het verhaal betrekken. 'Homo Desperatus' van theatermaker Dries Verhoeven is daar een goed voorbeeld van. Let op: Dit project bevat thema's die als schokkend ervaren kunnen worden.

Een immersieve installatie met 44 schaalmodellen van gips met mieren in vitrines waarin plekken van menselijk lijden door de geschiedenis heen, zijn gereconstrueerd. Van de kernreactor in Fukushima, het detentiekamp Guantanámo Bay in Cuba en een ingestorte kledingfabriek in Bangladesh, maar ook locaties die terrorisme en natuurrampen laten zien zoals de tsunami van 2014 in Tacloban op de Filipijnen. Alle gipsen maquettes worden bewoond door levende mieren. Het Design Museum van Den Bosch werd één groot formicarium.

Bezoekers worden detectives. Je kijkt, vergelijkt en vormt een hypothese. De mieren verstoren je aannames en leggen nieuwe verbanden bloot. Daardoor schuift de aandacht van "kijk eens wat knap gemaakt” naar “wat betekent dit?” En dat is de kern van de ervaring.
Schaalmodellen met gips en mieren: kunst x wetenschap Samen met entomologen ontwierpen we een functionerend ecosysteem. Aparte zones voor broed, voedselopslag en zelfs een begraafplaats. Het gips werkt als infrastructuur, het houdt vocht vast en laat ons suikerwater in het materiaal injecteren waardoor het landschap de kolonie letterlijk voedt. De mieren reageren op onze ontwerpkeuzes en brengen een laag onvoorspelbaarheid binnen. Juist die wisselwerking verandert een statisch object in een levende ervaring.
Het begon allemaal met intensief bronnenonderzoek (o.a. luchtfoto’s, Google Earth en gepubliceerde beelden in de media) en bouwden aan de hand daarvan per locatie een positief model. Daarover ging siliconen voor een perfecte mal. Vervolgens goten we die vol met gips vanwege de scherpe detaillering én het vermogen om vocht te absorberen. Dat laatste was cruciaal voor de overleving van de mierenkolonie. Elk afgietsel werd met de hand nabewerkt.


Onverwachte uitdagingen bij werken met insecten
Mieren zijn bewonderenswaardig, en koppig. De kolonies groeiden sneller dan ons draaiboek, en bij de allereerste test (we lieten een paar pioniers los in mijn maquette van Tsjernobyl) ontdekten we dat één vitrine niet perfect was afgekit. De ochtend erna liep er een keurig mierenfiletje richting de keuken… recht op de koffiekoekjes af. Lesson learned.
In de vitrines deden ze vervolgens precies waar ze zelf zin in hadden. In mijn miniatuur van de coltanmijn in Congo had ik, om gewicht te besparen, een piepschuimkern in de mal verwerkt. Weken na de opening vonden de mieren een minuscuul gaatje en begonnen te graven. Binnen een paar dagen lag de bovenkant vol piepschuimkorrels! De mieren waren letterlijk mijnwerkers geworden... exact het thema van die vitrine.

Dit project maakte voor mij voelbaar wat kunst kan doen als je niet alleen kijkt, maar ervaren moet. De combinatie van menselijke rampen, kwetsbare materialen en levende organismen confronteert zonder woorden. Terwijl de vitrines langzaam veranderden door tijd, door gedrag en door de mieren, wordt zichtbaar hoe vergankelijk en complex onze invloed is.

De oorspronkelijke vitrines (inmiddels verlaten en verbouwd door hun bewoners) zijn nog altijd te bezichtigen in de permanente tentoonstelling van de Verbeke Foundation.




Opmerkingen